Karen

​'Het was een heel emotionele tijd'

Karen Zondag- van den Hoed, 39 jaar, is niet-gelovig opgevoed. ‘Ik kende ook helemaal geen christenen. Het zijn twee volstrekt gescheiden werelden in Nederland, ik kwam ze gewoon niet tegen’. Op haar 29e besloot ze te gaan reizen, ze wilde Afrika zien en daar ook vrijwilligerswerk doen.

In Kenia ontmoette ze een Amerikaanse vrouw die voor een christelijk weeshuis werkte. Ze ging daar  aan de slag. Met de directrice had ze intense gesprekken over haar eigen levensvisie en het geloof in God.

Getuigenis

Na een paar weken kwam er een medisch team uit Amerika langs om kinderen te onderzoeken en medicijnen te verstrekken. Ook dat team bestond uit christenen. Op een avond vertelden ze allemaal hun verhaal, hun getuigenis. Dat maakte indruk. ‘Persoonlijke verhalen, en dan al die verschillen. Het hoeft allemaal niet op dezelfde manier. Wat toen ook  beter begon door te dringen is dat het in het christelijk geloof niet gaat om regeltjes. Dat beeld had ik namelijk: in de kerk bepalen anderen voor je hoe je moet leven. Maar het werd mij steeds meer duidelijk dat het daar niet om gaat, maar om een relatie, namelijk met God. In dat medisch team zag ik ook het geloof- aan- het- werk. Ze waren zo liefdevol voor de kinderen en baden ook voor ze. Dat vond ik fascinerend, daar was ik graag bij’.

Welcome to the family

Op een zondag ging Karen met het team mee naar de kerk. Ze kreeg tevoren een bijbel van één van de teamleden, voorin stond geschreven: ‘Welcome to the family, my sister in Christ’. Na afloop werd haar toen de vraag gesteld: Wat wil je nu? Zullen we met je bidden? Toen heeft ze de stap gezet... ‘Het was een heel emotionele tijd’.

Zoektocht naar een kerk

Uiteindelijk is Karen – na een korte tijd Nederland- vier jaar in het weeshuis aan de slag geweest. ‘Het is een tijd waarin ik meer ontvangen dan gegeven heb. Ik dook de bijbel in, was heel hongerig en in de jaren in Kenia ben ik gaan groeien in mijn geloof.’ In de maanden dat ze tijdelijk terug was in Nederland begon haar zoektocht naar een kerk. De traditionele kerken sloten niet aan bij haar meer evangelische, uitbundige Afrikaanse ervaringen. ‘Het kwam ook voor dat niemand me aansprak’. Of na afloop was er wel koffie, ‘gaat u maar door die deur, daar is koffie’. Maar die drempel was haar te hoog. Ze kwam terecht bij de Meerkerk in Hoofddorp, een evangelische gemeente. Met deze gemeente hield ze ook contact in de jaren dat ze in Kenia werkte. Via haar latere echtgenoot Jonathan sloot ze zich ná de periode Kenia aan bij de Nieuwe Kerk in Utrecht, een protestantse wijkgemeente, waar ook (herkenbare) opwekkingliederen worden gezongen.

Het gaat om relaties

Nu is ze blij met wat ze leert uit de brede traditie van de kerk. ‘Het brengt meer balans aan’. Heeft ze een advies voor de kerk? Jazeker! ‘Allereerst gaat het om persoonlijke relaties en getuigenissen. Verder is het belangrijk dat je een duidelijk verhaal hebt. Ik had dat wel nodig in elk geval: zelfs een beetje zwart-wit. En mensen, die mij durven vragen: waar sta je nu? Een klein beetje duwen. Maar niet ‘zomaar’. In Kenia kon het me ook overkomen dat iemand me plompverloren in de bus vroeg: ‘Do you know Jesus?’ Daar kon ik niks mee. Het begint bij de relatie. Binnen die relatie mag je dan ook best confronteren.’

Middenmeer en Slootdorp

Karen is nu jongerenwerker in Middenmeer en Slootdorp, waar Jonathan predikant is. Ze merkt, dat jongeren ook behoefte hebben aan een duidelijk verhaal. Soms hoort ze mensen in de kerk negatief praten over ‘zieltjes winnen’. Vaak zegt ze dan: ‘Ik ben een gewonnen zieltje! Als niemand mij iets verteld had, had ik hier nu niet gezeten. Ze vindt het daarom erg belangrijk dat in de kerk  het geloofsgesprek geoefend wordt. 

Interview door Nynke Dijkstra-Algra

9
 keer aangeraden
  • Printen